Zodiakaal licht

Zodiakaal licht aan de oostelijke hemel (sterrenbeeld Kreeft) voor het begin van de ochtend schemering. Verder zijn ook onder andere de planeet Venus en de open sterrenhoop Praesepe (M44) te zien.

Zodiakaal licht ( Grieks: ζῴδιον; zódion; " dierenriem") is een uiterst zwakke permanente driehoekige witte lichtgloed aan de nachtelijke hemel die lijkt uit te stralen vanaf van de zon langs de ecliptica (schijnbare zonneweg) en de daarbij gelegen dierenriem. Het is een astronomisch verschijnsel dat wordt veroorzaakt door zonlicht dat wordt verspreid door ruimtegassen en -stoffen en dat zo zwak is dat het bij maanlicht of lichtvervuiling onzichtbaar is. Zodiakaal licht vermindert in intensiteit naarmate de afstand tot de zon groter wordt, maar in zeer donkere nachten kan het soms als een complete opschijnende band rondom de ecliptica worden gezien. Zodiakaal licht is echter onzichtbaar voor het oog aanwezig over de gehele hemel en is daarbij verantwoordelijk voor 60% van al het licht aan de hemel tijdens een maanloze nacht. Tegenover de zon (bij het zonnetegenpunt) kan soms ook een zeer zwakke ovale gloed worden gezien, die bekendstaat als de gegenschein.

Het fenomeen werd in 1683 voor het eerst beschreven door Giovanni Domenico Cassini en een jaar later verklaard door Nicolas Fatio de Duillier.

Waarneming

In de gematigde breedtes kan het zodiakale licht het best worden waargenomen in heldere nachten boven een vlak oppervlak (bijvoorbeeld een meer) aan de westelijke hemel in de lente nadat de avond schemering volledig is verdwenen of aan de oostelijke hemel in de herfst kort voordat de ochtendschemering verschijnt. Zodiakaal licht is dan gedurende ongeveer 2 uur waarneembaar in de vorm van een kolom, die lichter is aan de horizon en overhelt langs de buiging van de ecliptica. Aangezien het licht dat wordt verstrooid door extreem kleine stofdeeltjes zich sterk naar voren toe uitspreidt, is het zodiakale licht het helderst wanneer het wordt aanschouwd in de richting van de zon. Daarom is het zodiakale licht het meest intens voor zonsopgang en na zonsondergang, op voorwaarde dat wel de zon wordt geblokkeerd, maar niet de stofdeeltjes die zich voornamelijk nabij de zichtlijn naar de zon bevinden. De band van stof waaruit het zodiakale licht bestaat is in werkelijkheid uniform verdeeld langs de hele ecliptica, maar het stof dat het verst afstaat van de ecliptica is nauwelijks zichtbaar, tenzij het bijna recht in de zon wordt bekeken.

In de tropen kan het zodiakale licht het hele jaar worden gezien, mits ver genoeg verwijderd van kunstmatige lichtbronnen en hun lichtvervuiling.

In een hoek van 90 graden met de zon gaat het zodiakale licht over in smalle, zeer zwakke lichtstrepen, die lichtbruggen worden genoemd. Op de van de zon afgekeerde zijde van de aarde, in een hoek van 180 graden met de zon, wordt het zonlicht iets sterker teruggestrooid door interplanetaire stofdeeltjes, waardoor hier de iets heldere Gegenschein zichtbaar wordt. De Gegenschein staat rond middernacht op de meridiaan.

In andere talen
Afrikaans: Sodiaklig
العربية: ضوء بروجي
català: Llum zodiacal
Deutsch: Zodiakallicht
Ελληνικά: Ζωδιακό φως
español: Luz zodiacal
galego: Luz zodiacal
italiano: Luce zodiacale
日本語: 黄道光
한국어: 황도광
Lëtzebuergesch: Zodiakalliicht
lietuvių: Zodiako šviesa
മലയാളം: രാശിപ്രഭ
norsk nynorsk: Zodiakallys
Piemontèis: Lus zodiacal
português: Luz zodiacal
srpskohrvatski / српскохрватски: Zodijačka svjetlost
slovenčina: Protisvit
slovenščina: Zodiakalna svetloba
svenska: Zodiakalljus
Tiếng Việt: Ánh sáng hoàng đạo
中文: 黃道光