Recht van hypotheek

Het recht van hypotheek is een zekerheidsrecht op een registergoed, dat gekoppeld is aan een lening, althans een maximaal te lenen bedrag. De eigenaar van het goed kan dit hypotheekrecht vestigen op het goed ten behoeve van een rechtssubject (zoals een bank) die dat als voorwaarde stelt voor het verstrekken van de lening. In zo'n geval spreekt men van een hypothecaire lening. De hypothecaire lening wordt verstrekt en als borgstelling wordt het goed in onderpand gegeven.

Iemand die een recht van hypotheek heeft, mag zijn vordering met voorrang op het registergoed verhalen. Komt de lener zijn verplichtingen niet na, dan mag de hypotheekhouder het pand gedwongen verkopen - een uitspraak van een rechter is niet nodig. Als het pand eenmaal is verkocht dan mag de geldverstrekker zijn vordering met voorrang op de opbrengst van het pand verhalen nog voor alle andere crediteuren.

De geldgever is de hypotheeknemer (hij verkrijgt het eerste recht van verkoop) of hypotheekhouder. De eigenaar van het onderpand (meestal de geldnemer) heet hypotheekgever.[1]

Een hypotheek wordt bij een notaris vastgelegd in een hypotheekakte.

In andere talen
العربية: رهن
مصرى: رهن
azərbaycanca: İpoteka
català: Hipoteca
dansk: Pant
Deutsch: Hypothek
English: Mortgage law
Esperanto: Hipoteko
español: Hipoteca
eesti: Hüpoteek
euskara: Hipoteka
فارسی: رهن
suomi: Kiinnitys
galego: Hipoteca
עברית: משכנתה
magyar: Zálogjog
italiano: Ipoteca
日本語: 譲渡抵当
ქართული: იპოთეკა
한국어: 저당권
Latina: Hypotheca
Lëtzebuergesch: Hypothéik
lietuvių: Hipoteka
norsk: Hypotek
polski: Hipoteka
português: Hipoteca
română: Ipotecă
русский: Ипотека
Simple English: Mortgage
slovenščina: Hipoteka
српски / srpski: Хипотека
svenska: Hypotek
தமிழ்: அடமானம்
Türkçe: Rehin (ekonomi)
татарча/tatarça: Ипотека
українська: Іпотека
اردو: رہن
中文: 抵押
粵語: 借錢