Endurance-expeditie

Endurance-expeditie
Het expeditieschip Endurance, dat zijn naam gaf aan de expeditie
Het expeditieschip Endurance, dat zijn naam gaf aan de expeditie
Jaar 1914–1917
Plaats Antarctica
Doel Als eerste de oversteek maken van Antarctica
Expeditieleider Ernest Shackleton

De Endurance-expeditie, ook wel Imperial Trans-Antarctic Expedition ( 1914- 1917 [1]) was de laatste grote expeditie naar Antarctica tijdens de Heroïsche Tijd van Antarcticaverkenningen [2]. De expeditie werd geleid door Ernest Shackleton. Voor Shackleton was er, na het bereiken van de Zuidpool door Roald Amundsen, maar één uitdaging meer te bereiken op Antarctica:

Aanhalingsteken openen

Na het veroveren van de Zuidpool door Roald Amundsen, die met een marge van slechts enkele dagen, voorsprong had op de Britse expeditie onder leiding van Robert Falcon Scott, was er nog één hoofddoel te bereiken in de ontdekking van Antarctica: de oversteek van het Zuidpoolcontinent van zee tot zee. [3]

Aanhalingsteken sluiten

De expeditie faalde in haar opzet. Het schip, de Endurance, kwam vast te zitten in pakijs en zonk. Via sloepen bereikte de expeditie Elephanteiland, alwaar ze maanden later opgepikt werden en konden gered worden. De Ross Sea Party, die de Endurance-expeditie begeleidde [4], geraakte aan de andere kant van het continent in de problemen. Hier verloren drie mannen het leven.

Achtergrond

Ernest Shackleton (1907)

Shackleton was een ervaren ontdekkingsreiziger in 1914. Hij had al deelgenomen aan de Discovery-expeditie van Robert Falcon Scott tussen 1901 en 1904 en de Nimrod-expeditie tussen 1907 en 1909 waarvan hij zelf expeditieleider was.

Na zijn laatste expeditie waren er nog twee belangrijke expedities naar Antarctica gevaren. De Terra Nova-expeditie van Robert Falcon Scott en de Zuidpoolexpeditie van Roald Amundsen. Amundsen had op 14 december 1911 als eerste ooit de Zuidpool bereikt. Slechts 34 dagen later, op 17 januari 1912, bereikten Scott en zijn kompanen totaal uitgeput de Zuidpool.

Voor het Verenigd Koninkrijk was dit een kaakslag. Shackleton en Scott hadden geprobeerd de Zuidpool te bereiken, maar werden voorafgegaan door een Noor. Shackleton wilde de Britse vlag ook neerplanten op het continent. Niet met een expeditie naar het zuiden, wel met een oversteek van het continent. In 1911 had een andere ontdekkingsreiziger deze tocht willen wagen. De Duitser Wilhelm Filchner. Hoewel hij niet in zijn opzet slaagde, deed hij toch enkele ontdekkingen zoals Vahsel Bay in de Weddellzee. Het doel van Shackleton was om te starten aan de Weddellzee, nabij de Vahsel Bay, om van daaruit de oversteek te maken naar de Rosszee.

De Schotse ontdekkingsreiziger William Speirs Bruce, die de Schotse Nationale Antarctische Expeditie leidde tussen 1902 en 1904, had in 1908 plannen om de oversteek van Antarctica te maken, maar zag daar later van af. Speirs Bruce bood hem de route aan die hij gepland had in 1908. Uiteindelijk zou Shackleton maar weinig van Bruce zijn plannen overnemen.

Voor een nieuwe expeditie moest Shackleton op zoek naar financiële steun. Shackleton had de expeditie begroot op een bedrag van 50.000 £. De Britse regering schonk hem 10.000 £ om de expeditie te financieren. Van de Royal Geographical Society ontving Shackleton 1.000 £. Andere bijdragen ontving hij onder meer van de Schotse auteur J.M. Barrie, de zakenman Dudley Docker, de adellijke Janet Stancomb-Wills en baron James Key Caird [5].

In andere talen